Het leven van een kleine zelfstandige en exclusiviteitscontracten: de wilde bij

Let me tell you

‘bout the birds and the bees

And the flowers and the trees

And the moon up above

And a thing called ‘Love’

Dit alom bekende wijsje van Jewel Akens uit 1964 zoemt in mijn oren bij het zien van een voorbijvliegende bij. Het aantal wilde bijen neemt de laatste jaren sterk af door een tekort aan bloemen, een gebrek aan natuurlijke, wilde bloemen en het gebruik van pesticiden.

Desondanks telt België momenteel een 400-tal soorten wilde bijen. Elke soort beschikt over een sprekende naam, eigen kenmerken, specifiek gedrag en leefwijze. De zandbij (vosje, roodgatje) maakt een nest onder de grond, bij voorkeur onder een veld madeliefjes. De pluimvoetbij legt haar eitjes in voegen tussen tegels, de zwartgespoorde metselbij verkiest holle stengels (o.a. frambozenstruik), de behangersbij ‘behangt’ een holle houtgang met haar nageslacht en de wolbij verzamelt ‘wol’ van ezelsoor om haar nest mee te bouwen.

Een deel van de wilde bijen is heel sociaal. Ze leven in groep onder bewind van hun koningin. Koekoeksbijen zijn ware ‘homejackers’: Ze breken in in een bestaand nest van een andere bijensoort, plegen roofmoord en leggen eigen eitjes in de plaats. De ‘gastheer’ heeft niets in de gaten en de larve van de koekoeksbij kan zich te goed doen aan de voedselvoorraad. De grootste groep is die van de solitaire bijen. Zij hoeven niet te gehoorzamen aan de grillen van een koningin en leven als kleine zelfstandigen op hun eigen territorium.

Wonderwel slaagt elke bij erin bij de meest geschikte bloem te komen o.a. door het vermogen ultraviolet licht te zien. Dankzij de ultraviolette straling vinden bijen de bloemen met de meeste nectar. De liefdevolle communicatie tussen bloem en bij wordt beklonken met een exclusiviteitscontract. De andoornbij is met haar lange tong dol op de nectar van moerasanemoon. Met haar korte brede tong is de wormkruidbij te vinden op –u raadt het al- het boerenwormkruid.

Wie een bijenvriendelijke tuin wil, kiest best voor een variatie aan bloemsoorten: vlinder-, lip-,  scherm-en kruisbloemigen (witte klaver, kattenkruid, pastinaak, broccoli), composieten (paardenbloem), ruwbladigen (smeerwortel) en bloemen van de klokjes-, wilgen-, heide-, look-, rozen- en resedafamilie (rapunzelklokje, boswilg, appel, blauwe bes, bieslook, wilde reseda).

In naam van de liefde vermaak ik me deze zomer alvast met de bouw van een bijenhotel en sla bij het afrijden van het gazon een paar vierkante meter over. Volgend jaar rijd ik het gras niet meer af en kijk uit over een wilde bloemenwei! En dan…

Let me tell you…

Zandbij, Andrena, 31/03/2020
Foto Bart Cabanier

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.