Maak van je tuin een jungle

Elk jaar opnieuw verandert de helft van ons 45 vierkante meter tellende gazon in een modderpoel. Vanaf september geraakt het zonlicht niet meer door het gebladerte van de kolossale kastanjeboom en de twee statige beuken uit de aanpalende tuin. De pogingen om onze bescheiden grasmat om te toveren tot een biljartlaken zijn nochtans zo bewonderenswaardig dat ik mijn man na verloop van jaren benoemd heb tot grasspecialist. Engels raaigras, veldbeemdgras, roodzwenkgras, gewoon struisgras en schapengras: Noem een grassoort en hij geeft je de eigenschappen. Als je weet dat gras onder te verdelen is in meer dan 8000 soorten en dat van alle plantenfamilies die van de grassen het grootst is, begrijp je mijn waardering voor dergelijke kennis.

Het is dan ook met een bang hartje dat ik er bij het begin van het jaar voor opperde onze tuin in een nieuw jasje te steken: Geen gras, maar een wildernis. Geen biljart, maar een flipperkast. Een tuin zonder voetbal. Een plek waar de kinderen in verdwijnen als goed gecamoufleerde vlinders en er als apen aan lianen uit tevoorschijn komen. Ik wilde een tuin met een ondoordringbare begroeiing. Een paradijs voor insecten met een variatie aan bessen waar vogels tuk op zijn. De bloemen zouden welig tieren en het lawaai van het voorbijrijdende verkeer zou volledig overstemd worden door gezoem, geruis, geritsel en gefluit.

Mijn man bekeek me alsof ik net was teruggekeerd uit het Amazonewoud. Hij stapte de tuin in, trotseerde de modder en inspecteerde het laatste stukje schapengras. ‘Het zal wel enige tijd duren’, zei hij, ‘maar ik kijk er naar uit om op mijn oude dag in mijn hangmat te genieten van die slingerende apen!’

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.